Column Joost Nijsen


De toekomst van het boek


Joost Nijsen 06-06-2011

In NRC Handelsblad van 3 juni stond een licht ingekorte versie van mijn opiniestuk over de situatie op de boekenmarkt. Hieronder de integrale versie.

Getuige de reacties op de site van Boekblad is het hoofdredactioneel van NRC Handelsblad, onder de alarmerende kop ‘Het einde van het boek?’ (28-5-2011), ervaren als zoveelste kapitteling van de boekenbranche. Het vak kampt met teruglopende omzetten en zou de naderende ondergang maar niet onder ogen willen zien. Hoewel ik, zelf actief uitgever, denk dat deze krant wel degelijk een reëel probleem aankaart, deel ik ook in de ergernis over de zoveelste, bijna wellustige aanval op het boekenvak. In een tsunami van beweringen is uitgevers en boekverkopers de laatste tijd door allerlei marketingprofeten en opinieleiders, onder wie ook schrijvers als Leon de Winter, aangewreven dat ze onvoldoende aansluiten op nieuwe ontwikkelingen als e-books en social media. De leeglopende boekwinkels worden daarmee in direct verband gebracht.
Het is jammer dat aan die veronderstellingen zelden oriëntatie  voorafgaat in het vak zelf. Zo is de aarzelende aansluiting van uitgevers op nieuwe dragers als e-books en apps niet zozeer te verklaren vanuit gebrek aan innovatiebereidheid, maar uit behoedzaamheid ten aanzien van de content waarmee alle betrokkenen bij het boek, inclusief de schrijvers, hun brood moeten verdienen. Het is alleen maar verstandig dat de boekenbranche niet direct bij de opkomst van e-readers alle werken van hun schrijvers digitaal verspreid hebben, gezien de grote onduidelijkheden op het terrein van piracy en verdienmodellen.
Een ander deuntje betreft social media als Twitter en Facebook, waar het boekenvak geen gebruik van zou maken. Maar de meeste uitgevers en boekverkopers hebben die social media inmiddels toegevoegd aan hun marketinginstrumentarium.  De tijd moet overigens nog uitwijzen of het positieve effect ervan op kopen en lezen wel zo groot is als verondersteld.
Dát boekhandels de laatste tijd vervaarlijk verlaten ogen, zoals NRC stelt, en van de weeromstuit ook uitgevers zich gedwongen zien de tering naar de nering te zetten, is ondertussen een zorgwekkend feit (al is, kleine kanttekening, wel veel boekenaanschaf naar internetboekhandels verschoven, en daarmee onzichtbaar geworden). Maar in die teruglopende omzetten spelen andere factoren een hoofdrol dan de vermeende onbenutte kansen in digitale exploitatie en social media. Ik vermoed zelfs dat er niet wezenlijk méér gelezen zal worden als morgen van alle boeken tegen lage prijzen een e-book beschikbaar komt. Je hoeft geen onderzoeker te zijn om waar te nemen dat het lezen van boeken fors terrein inlevert op andere vormen van vrijetijdsbesteding. Meestal wordt daarbij gewezen naar nieuwe generaties, die, opgegroeid met tv, games en internet, en geschoold zonder noemenswaardig literatuuronderwijs, hooguit nog willen lezen als ze een makkelijk romannetje op hun iPad kunnen downloaden.  Maar ik vrees dat de teruglopende honger naar boekenbezit en lezen alle generaties betreft. Daartoe dragen naast slecht onderwijs en maatschappelijke, wetenschappelijke en culturele vervlakking, vermoedelijk ook activiteiten bij als tv kijken, websurfen, mailen en sms’en waar we allemaal zo druk mee zijn. En juist de tijdrovende omgang met de social media waar iedereen zoveel redding van verwacht, zou wel eens kunnen bijdragen aan de erosie van lezen (en daarmee meteen ook de honger naar boekenbezit).
Een oplossing is er gelukkig ook. Overheid en instellingen als de CPNB zouden zowel de betekenis als de attractie van het lezen hernieuwd onder de aandacht moeten brengen. Niet met een ‘red-de-zeehondjes’-actie, maar door de neuzen op de vele positieve feiten te drukken. Lezen genereert rust, inzicht en kennis, stimuleert de verbeelding, en draagt vermoedelijk zelfs bij tot begrip en tolerantie. Aspecten daarvan moeten snel nader onderzocht en naar buiten gebracht worden. Zo hoorde ik laatst dat mensen die lijden aan autisme of ADHD, beide gerelateerd aan een overdaad aan prikkels, zeer gebaat zouden kunnen zijn bij het lezen van boeken, ten koste van onrustige tijdsbestedingen als gamen, surfen en chatten. Meer inzicht en beleid in dit soort aspecten, zal eerder tot vollere boekwinkels leiden dan een nerveuze overconcentratie op e-books, apps en social media.